naar top
Menu
Logo Print
04/01/2019 - ELISE NOYEZ

DE NOODZAAK VAN EEN INTEGRALE AKOESTISCHE AANPAK IN DE ZORGSECTOR

MEER BEWUSTZIJN BIJ BELEIDSMAKERS, ARCHITECTEN EN AFWERKINGSBEDRIJVEN IS EERSTE STAP

Zorggebouwen gelden op heel wat vlakken als uitdagende gebouwen; ook met betrekking tot de akoestiek. Gezien de complexiteit van het gegeven, is een integrale benadering van de akoestiek, bij voorkeur door een gespecialiseerd adviesbureau, in zorgomgevingen een absolute noodzaak. Wacht men tot de afwerkingsfase, dan loopt men niet alleen heel wat kansen mis om akoestiek op een efficiënte manier in het ontwerp te integreren, maar is de kans ook groot dat er uiteindelijk geen budget meer overblijft of dat klassieke oplossingen niet toepasbaar blijken.

INTEGRALE AKOESTISCHE AANPAK

Vergeet niet dat ook deur- en raamopeningen, alsook ventilatieroosters  bepalend zijn voor de overdracht van luchtgeluid!
Vergeet niet dat ook deur- en raamopeningen, alsook ventilatieroosters  bepalend zijn voor de overdracht van luchtgeluid! (foto Rockfon)

De belangrijkste aandachtspunten binnen zorgomgevingen zijn het luchtgeluid, het contactgeluid, het installatielawaai en de nagalm, waarbij het aandeel van de verschillende aspecten van ruimte tot ruimte varieert. Gevelisolatie speelt uiteraard ook een rol, met name in het weren van geluiden van buitenaf, maar op dit vlak worden er doorgaans minder problemen ondervonden.

Luchtgeluid

De overdracht van luchtgeluid van de ene kamer naar de andere wordt voorkomen door middel van geluidsisolerende platen in de scheidende muren, vloeren en plafonds. Om ook flankerende geluidstransmissie te vermijden, dient men verder de nodige aandacht te besteden aan de massa en de koppelingswijze van flankerende bouwdelen.

Wordt er oorspronkelijk geen of onvoldoende geluidsisolatie voorzien, of gaat het om een renovatieproject, dan zijn de opties beperkt. Isolerende voorzetwanden kunnen in dat geval voor een verbetering zorgen, maar resulteren uiteraard wel in plaatsverlies en bieden slechts in beperkte mate een oplossing voor de flankerende geluidstransmissies.

Verder zijn ook de deur- en raamopeningen, alsook de ventilatieroosters, bepalend voor de overdracht van luchtgeluid. Meer nog, in veel gevallen zijn net zij het grote pijnpunt. Kies met andere woorden voor akoestisch performante roosters en binnendeuren, en zorg dat de kaders geluiddicht geplaatst worden alsook dat de rubberen strips langs het kader voldoende aansluiten.

Contactgeluid

De overdracht van contactgeluid dient zowel op structureel als op materieel vlak aangepakt te worden, door middel van een combinatie van een zwevende dekvloer enerzijds en een akoestisch performante vloerbekleding anderzijds. Vloeren die niet door middel van een akoestische onderlaag van de ondergrond zijn losgekoppeld, zijn nefast voor de geluidsisolatie, en zelfs de minste verbinding tussen ruimte en bouwstructuur - denk aan een anker of vijs - kan geluidslekken veroorzaken.

Het type vloerbekleding heeft dan weer vooral een impact op de geluidsabsorptie. Tegelvloeren zijn hiervoor nefast; gietvloeren, pvc-vloeren en LVT bieden betere oplossingen. Hoewel tapijten het meeste geluid absorberen, zijn ze in de meeste zorgomgevingen om hygiënische redenen niet toegestaan.

Nagalm

Ook voor het beperken van de nagalmtijd doet men het best zo veel mogelijk beroep op absorberende materialen, al is in dit opzicht vooral het plafond - het grootste oppervlak - een aandachtspunt. Zeker in gangen, circulatieruimtes en grote ruimtes kiest men het best voor een plafondafwerking met een hoge absorptiecoëfficiënt (max. 1), zoals tegels, platen, plafondeilanden en/of baffles uit geperste minerale wol, glaswolvezels, gerecycleerde polyestervezels of melamineschuimstof (al dan niet met textielafwerking).

Volstaat de bekleding van het plafond niet of gaat men specifiek op zoek naar een speciale, esthetische afwerking, dan kan men bijkomend ook de wanden bekleden. Hiervoor kan men gebruikmaken van voorzetwanden of elementen uit dezelfde materialen, afgewerkt met textiel, houtwol, metaal of spanwanden, alsook van houten Helmholtz resonators. Hou hierbij wel voldoende rekening met de porositeit en de duurzaamheid van de afwerkingslaag. De wanden moeten immers de nodige absorptie kunnen realiseren en tevens tegen een stootje kunnen. Decoratieve, stootvaste en krasvaste toplagen zoals laminaat zijn in dat opzicht bijvoorbeeld interessant. Zowel bij wand- als plafondoplossingen dient de materiaalkeuze ten slotte afgestemd te worden op de functie van de ruimte. Met name de frequentie van het geluid is daarbij van belang: sommige materialen zijn immers vooral absorberend in de hoge frequenties (bv. spuitpleister), terwijl andere zowel in de hoog- als de laagfrequente tonen (spraakfrequentiebereik) goed functioneren (bv. dikke minerale wol).

Volstaat de bekleding van het plafond niet of gaat men specifiek op zoek naar een speciale, esthetische afwerking, dan kan men bijkomend ook de wanden bekleden
Volstaat de bekleding van het plafond niet of gaat men specifiek op zoek naar een speciale, esthetische afwerking, dan kan men bijkomend ook de wanden bekleden (foto © Dennis De Smet voor Print Acoustics by Triplaco)

Installatielawaai

Installatielawaai komt in ziekenhuizen veel meer voor dan in de meeste andere gebouwen. Trillingen afkomstig van compressoren of (nood)stroomaggregaten, lawaai van de koeling van MRI-toestellen, airco en ventilatiesystemen … het zijn problemen die zowel in kamers als in praktijkruimtes en het operatiekwartier voorkomen.

Om ze te vermijden, is het in eerste instantie belangrijk om de installaties op een weloverwogen locatie te integreren, alsook om te kiezen voor kwaliteitsvolle, goed gedimensioneerde toestellen. Een goed afgestelde ventilatie-installatie waarin de luchtsnelheden voldoende beperkt worden en de kanalen grondig geïsoleerd zijn, is bijvoorbeeld een must. Volstaat dat niet, dan kunnen bijkomend onder andere geluidsdempers, extra omkastingen en geluidsisolerende roosters aangewend worden.

OOG VOOR DETAIL

Een integrale benadering betekent echter niet dat er geen aandacht besteed moet worden aan details. Integendeel. Het zijn net zij die de efficiëntie van akoestische ingrepen bepalen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de correcte plaatsing van een zwevende chapevloer en het gebruik van aangepaste dilatatievoegprofielen, voorzien op het zware verkeer in de wandelgangen.

Onvoldoende geluidsisolatie van ventilatiekanalen zorgt vandaag trouwens nog evenzeer voor lawaaihinder, alsook voor, niet te onderschatten, het doorsluizen van geluiden uit andere ruimtes.

Daarnaast dient men rekening te houden met de levensduur van bepaalde materialen. Deurkaders moeten bijvoorbeeld voldoende gesterkt zijn om de meestal zware geluidsisolerende deuren te kunnen dragen, en de rubberen afsluitstrips rond deuren dienen tijdig vervangen te worden. Ze zijn weliswaar amper zichtbaar, maar ook zij zijn onderhevig aan slijtage. Rubbers die zich binnen bevinden, maar wel met zonlicht in contact komen, moeten zo ongeveer om de tien jaar vervangen worden; rubbers die zich buiten bevinden, ondergaan de veroudering nog sneller.