naar top
Menu
Logo Print
20/12/2018 - ELISE NOYEZ

KLEPDEUREN BIEDEN TAL VAN MOGELIJKHEDEN

MONTAGEHULPEN MAKEN INSTALLATIE KLEPBESLAG STEEDS EENVOUDIGER

Het lijkt alsof de klassieke keukenkast stilaan echt het onderspit moet delven. Waren de onderste keukenkasten al enige tijd vervangen door lades, dan kiest men nu namelijk ook bij de bovenste keukenkasten steeds vaker voor een alternatief. Klepdeuren zijn in dat opzicht een populaire optie. Die passen naadloos in de horizontale geleding van de moderne keuken en laten de gebruiker in de meeste gevallen toe om zonder stoten langs de open kasten heen te wandelen. Dankzij enkele technische upgrades is het beslag voor die klepdeuren vandaag bovendien slanker, lichter en eenvoudiger te installeren.

DE ENE KLEPDEUR IS DE ANDERE NIET

klepdeur
Klassieke klepdeuren kunnen vandaag ook met compacte 2-in-1 modules worden gerealiseerd. Er zijn dan geen scharnieren meer nodig

Hoewel het beslag voor klepdeuren traditioneel onder de noemer klepbeslag wordt gegroepeerd, gaat het in wezen om een vijftal verschillende deurtypes. Wat ze met elkaar gemeen hebben, is dat de deuren niet naar links of rechts openen, maar wel naar boven of beneden toe.

Klassieke klep

De meeste klassieke uitvoering van de klepdeur is de enkele klep die net als een traditionele kastdeur, zij het omhoog in plaatsvan zijdelings, wordt geopend, doorgaans met een openingshoek van 75 à 110°.

Het is een relatief eenvoudige oplossing, die binnen het gamma van de klepdeuren echter terrein begint te verliezen. De toepassing van dit type is immers maar op bepaalde hoogtes interessant: bevindt de kast zich te laag, dan is de inhoud moeilijk bereikbaar, en stoot men tegen de open klepdeur; bevindt ze zich te hoog, dan kan de klep niet opnieuw worden gesloten.

Het beslag voor deze klepdeuren kan diverse vormen aannemen. Enerzijds is er het beslag met aparte potscharnieren en klepsteunen in metaal of kunststof, anderzijds bestaan er compacte 2-in-1 oplossingen. In het eerste geval worden de potscharnieren in het bovenpaneel van het corpus en de klepsteunen aan de binnenzijde van de zijpanelen gemonteerd; in het tweede geval behoren steun en scharnier tot dezelfde module, die tegen de zijpanelen wordt gemonteerd.

Zwenkklep

Een alternatief voor de gewone klepdeur isde zwenkklep. Deze klep is bovenaan niet aan het corpus bevestigd, zodat die bij het openen schuin boven de kast wordt geheven. Ten opzichte van de klassieke klep biedt dit het voordeel dat de kastinhoud steeds makkelijk te bereiken is zonder dat de klep zelf in de weg zit. Het nadeel is dat dit type klepdeuren slechts toepasbaar is als er boven de kast voldoende open ruimte is.

Gezien de klep hier los van het corpus beweegt, worden er tussen beide geen scharnieren voorzien. Er is enkel het hefmechanisme met stalen zwenkarmen, dat hoog tegen de zijpanelen van het corpus wordt gemonteerd. Om de stabiliteit van het systeem te bevorderen, wordt tussen beide hefmodules doorgaans nog een stalen dwarsstang voorzien. Opdat die bij het vullen en legen van de kast geen hinder zou veroorzaken, wordt zehelemaal bovenin tegen het corpus gemonteerd.

Vouwklep

klepbeslag
Klepbeslag zoals dat voor vouwkleppen kan worden gecombineerd met zowel plaatmateriaal als glazen fronten, al dan nietmet aluminium kader

Bij vouwkleppen wordt het kastfront opgebouwd uit twee afzonderlijke horizontale panelen die bij het openen naar boven plooien en samenvouwen. Op die manier is de inhoud van de kast steeds goed zichtbaar, blijft de hinder van geopende kleppen relatief beperkt, en is de handgreep doorgaans eenvoudig bereikbaar.

Qua beslag zijn er voor deze klepdeuren verschillende onderdelen vereist. Ten eerste zijn er de potscharnieren om de bovenste klep te bevestigen aan de bovenkant van het corpus, ten tweede de middenscharnieren om beide panelen aan elkaar te bevestigen en ten slotte het klepbeslag zelf, bestaande uit twee stalen klepsteunen en twee hefmodules met kunststof behuizing.

De modules worden tegen de zijpanelen van het corpus gemonteerd, de klepsteunen worden bevestigd aan het onderste van beide frontpanelen.

Liftklep

liftklep
Bij liftkleppen is de kastinhoud steeds makkelijk bereikbaar. Boven de kast moet er wel voldoende vrije hoogte zijn

In plaats van open te draaien of te vouwen, wordt de liftklep evenwijdig met de kast vooruit en omhoog geheven. Net als bij de vouw- en de zwenkklep zorgt dit voor een goede bereikbaarheid van de kastinhoud enerzijds en een beperkte belemmering van de doorgang bij open kastdeuren anderzijds. Opdat de klepdeur volledig geopend kan worden, moet boven de kast wel een vrije hoogte beschikbaar zijn van minimum de klephoogte.

Het beslag voor dit type klepdeuren is vergelijkbaar met dat voor zwenkkleppen: er wordt gewerkt met twee hefmodules aan de binnenzijde van de zijpanelen, die voor de stabiliteit met een stalen dwarsstang verbonden worden en waaraan het kastfront met behulp van stalen zwenkarmen wordt bevestigd.

Valdeur

beslag

Ten slotte wordt ook de valdeur nog onder de klepdeuren gerekend, al vindt dit type zijn toepassing eerder bij het meubilair dan in de keuken.

De valdeur is vergelijkbaar met de klassieke klepdeur, met dat verschildat de klep hier aan de onderzijde in plaats van de bovenzijde van het corpus bevestigd wordt en dat de openingshoek doorgaans beperkt is tot 90°.

In plaats van de klassieke klepsteunen en gasveren, kan bij dit type vandaag ook worden gebruikgemaakt van zeer lichte staalkabels (foto).

VERHOOGD GEBRUIKSCOMFORT

traploos
Quasi al het klepbeslag, waaronder dat voor zwenkkleppen, is vandaag traploos instelbaar

Had het klepbeslag in het verleden nog al eens de reputatie om lomp en onhandig te zijn, dan hebben technische ontwikkelingen de voorbije jaren bij alle types geleid tot een verhoogd gebruikscomfort. Volgende troeven zijn vandaag veelal regel dan uitzondering.

  • Compactheid: dankzij een verbeterde schijftechnologie in de verschillende modules kunnen de gasveren en klepsteunen vandaag veel slanker worden uitgevoerd, met minder plaatsverlies in de kast als gevolg.
  • Beperkte openingsweerstand: diezelfde schijftechnologie zorgt, bij correct afgesteld beslag, voor een verminderde weerstand bij het openen of sluiten van de klep, doorgaans gecombineerd met demping.
  • Multistop: mits een correcte afstelling kunnen de meeste klepdeuren vandaag volledig traploos geopend en gesloten worden.
  • Klembeveiliging: om geklemde vingers te voorkomen, is het meeste beslag uitgerust met ingebouwde demping en, in het geval van vouwkleppen, klembeveiliging.

Naast deze basiseigenschappen kan heelwat klepbeslag vandaag bovendien motorondersteund worden. Een 24V-motor faciliteert dan het openen en sluiten van de klep, en ook eventuele binnenverlichting kan er rechtstreeks op worden aangesloten.

AANDACHTSPUNTEN EN PRAKTISCHE BEPERKINGEN

Of een klepdeur binnen een bepaald project effectief een optie is, en welk type in dat geval het meest geschikt is, is afhankelijk van een aantal factoren. Volgende praktische aspecten dienen in ieder geval in overweging te worden genomen.

  • Positie en bereikbaarheid: het al dan niet toepasbaar en/of functioneel zijn van bepaalde types klepdeuren is sterk afhankelijk van de hoogte waarop de kast zich bevindt en de eventuele aanwezigheid van andere kasten rondom. Klassieke klepdeuren zijn door de al aangehaalde redenen bijvoorbeeld allesbehalve interessant op borsthoogte of lager, terwijl zwenkkleppen, vermits de klep boven de kast geheven wordt, niet toepasbaar zijn in grotere kastwanden.
  • Gewicht: aangezien de kastfronten bij klepdeuren omhoog worden geheven, is hun gewicht in deze toepassingen beperkt. Afhankelijk van het beslagtype en de fronthoogte, gaat het om maximaal toegelaten gewichten tussen 5 en 30 kg. Belangrijk is wel dat ook het gewicht van de handgreep hier moet worden meegerekend. Om een juiste afstelling van het beslag te kunnen garanderen, moeten kastfront en beslag bovendien specifiek op elkaar worden afgestemd. Elk type beslag is daarom beschikbaar in diverse uitvoeringen voor verschillende gewichten. Om klepgewicht en beslag correct op elkaar af te stemmen, stellen sommige fabrikanten online configurators beschikbaar.
  • Plaatmateriaal: voor de kastfronten wordt het best gebruikgemaakt van multiplex, verlijmde timmerpanelen of (glazen) kleppen met aluminium kader. Er worden vooral standaarddeurdiktes verwerkt. Volledig glazen kleppen of kleppen met een smal aluminium kader behoren meestal ook tot de opties, al dient er dan wel gebruikgemaakt te worden van speciale adapters.
  • Plaatsverlies en binneninrichting: niettegenstaande zowel de verschillende hefmechanismes als de gasveren en/of klepsteunen vandaag al heel wat compacter uitgevoerd kunnen worden, blijft het plaatsverlies in de kast een belangrijk aandachtspunt bij klepdeuren. Met name de impact van het beslag op de binneninrichting van de kast verdient de nodige aandacht. Afhankelijk van het type beslag kunnen legplanken bijvoorbeeld niet op een bepaalde hoogte worden geplaatst, of dienen ze beperkt te worden in diepte om zo ook in gesloten toestand ruimte te maken voor de klepsteunen. Raadpleeg hiervoor uitdrukkelijk de technische informatie van het beslag in kwestie.

EENVOUDIGERE MONTAGE

montage
Montagepinnetjeszorgen ervoor datde modules eenvoudig en correct tegen het corpus gepositioneerd en gemonteerd kunnen worden

De montage van klepbeslag kan, zeker in vergelijking met die van traditionele kastdeuren met potscharnieren, op het eerste gezicht een uitdaging lijken, en dat is niet geheel onterecht. Gezien de meeste onderdelen niet binnen het klassieke systeem van rijboring van 32 mm gemonteerd worden en het hefmechanisme specifiek op het gewicht van de klep afgestemd moet worden, gaat het wel degelijk om een complexere montage.

Om de meubelbouwer bij te staan en het proces te vereenvoudigen, zorgen heel wat fabrikanten vandaag echter voor de nodige montagehulpen. Het gaat onder andere om boormallen voor zowel het corpus als de kleppen. In veel gevallen worden de modules zelf bijkomend van speciale montagepinnetjes voorzien. Hiermee kan de module eenvoudig en correct tegen de kastwand gepositioneerd worden, alvorens ze wordt vastgeschroefd.

Het boorpatroon kan uiteraard eveneens in een CNC-machine worden geprogrammeerd. Het afregelen van het beslag gebeurt vandaag ook eenvoudig met behulp van een enkele schroef in het hefmechanisme. Door deze meer of minder aan te spannen, wordt de weerstand perfect op het gewicht van de klep afgestemd, zodat die laatste probleemloos in eender welke positie blijft staan.

Met dank aan Häfele, LMC,Van Hoecke en Van Opstal